De Amerikaanse ribkwal, afkomstig uit de Atlantische Oceaan bij Noord- en Zuid-Amerika, neemt in rap tempo de Amsterdamse haven en het IJ over. Zo'n zes jaar geleden moet het kleine kwalletje zijn meegereisd in het ballastwater van schepen, denkt stadsecoloog Martin Melchers. Inmiddels zwemmen er miljoenen exemplaren rond van het beest, dat tweeslachtig is en dus zichzelf kan bevruchten.
De waterdieren vormen geen gevaar voor mensen, wel voor de vissen. Melchers: ''Deze kwalletjes kunnen een grote impact hebben op het ecologische systeem. De kwalletjes eten kleine beestjes in het water, precies wat aal, snoekbaars, kabeljauw en tong ook eten.''
Behalve plankton blijken de zeedieren ook zuurstof uit het water op te nemen wat extra nadelig is voor de overige visstand.